Kleine dingen

Op woensdagavond ben ik wat moeilijk van de bank af te krijgen. Van een paar dagen de hort op word je kennelijk best moe en het loopje van maandagochtend lijkt alweer een eeuwigheid geleden. Toch staat er weer een training op het programma, dus ik kleed me om en ga naar buiten.
Ik loop de andere kant op dan ik meestal doe. Een bord geeft aan dat het -2 is en al bijna elf uur. Het is best fris, maar ik heb thuis gezien dat het 3 graden boven nul is, dus ik ben niet bang voor gladheid. De tijd staat vast nog op zomertijd, want ook daar klopt niks van.
Een taxibusje blokkeert het fietspad van de rotonde. De deur staat open en een rollator is op de stoep gezet. Ik loop er over de rotonde langs, want ik wil geen oude vrouwtjes van de sokken lopen natuurlijk.
Een vaag, klein silhouet zit op het gras en als ik dichterbij kom, wordt het steeds duidelijk dat het een konijntje is. Het beestje blijft rustig zitten. Een glimlach trekt om mijn mond. Van dit soort kleine dingen kan ik gewoon blij worden.
Terwijl ik het tunneltje doorloop, kondigt het eerste tempoblokje van 3 minuten zich aan. Een fietser zonder licht haalt me in en ik merk ineens dat ik mijn lampje vergeten ben. De fietser is al snel in het donker verdwenen en ik bedenk dat ik vanavond nóg beter op het verkeer moet letten dan anders. Een beetje dom van me, maar gelukkig heb ik wel een neongeel reflecterend hesje aan en reflecterende schoenen.
Na drie minuten zie ik een gemiddelde snelheid op m’n schermpje van 12,5 km/h en ik krijg anderhalve minuut dribbelpauze. Ik blijf keurig op de stoep lopen en steek over naar een breed fietspad, dat me de wijk uit zal leiden. Het tweede blokje van 3 minuten gaat met een gemiddelde snelheid van 12,6 km/h en het derde blokje met 12,7 km/h.
Ik kies voor het fietspad dat rond de volgende wijk loopt en begin niet veel later aan drie maal 4 minuten op tempo. Sterren staan aan de heldere hemel. De wind waait aardig, maar ik heb precies de goede kleding aangetrokken en heb het niet koud. Ook dit eerste blokje gaat met een snelheid van 12,5 km/h, waarna ik 2 minuten pauze krijg. Eigenlijk moet ik mijn horloge met dit soort trainingen eens instellen op min/km, want dat zegt mij tegenwoordig meer dan km/h.
Aan de rechterkant zie ik achter de beek de rand van Borne, met vrijstaande huizen en sfeervolle verlichting. Links doemt de rand van Hengelo voor me op, met de grote, nieuwe sporthal, witte LED-verlichting en rijtjeshuizen die pal aan de stoep staan.
Ik draaf er alweer op tempo langs en kom nu op een gemiddelde uit van 12,7 km/h. Wat gaat het lopen vandaag toch lekker, ik ben blij dat ik van die bank af ben gekomen.
Voor het laatste blokje van 4 minuten duik ik de woonwijk van Borne in. Op een veel te donker stuk haal ik nog even natte voeten en ik zigzag van het de ene naar de andere kant. Op een grasveldje midden in een straatje zie ik twee konijntjes en ook deze blijven rustig zitten als ik langsren.
Met al het bochtenwerk heb ik niet het idee dat ik sneller was dan het tweede blokje, maar dat valt mee. Ik doe nog even flink mijn best in het laatste stukje en kan nog net een gemiddelde van 13 km/h halen. Klaar!
Ik steek de doorgaande weg over en besluit de bordjes van de lanteernpoalroutes te volgen door het oude centrum. Hoewel ik wel ongeveer weet waar de routes heengaan, raak ik in het schemerdonker toch de bordjes kwijt. Gelukkig zijn die niet essentieel om weer thuis te komen. Via het goed verlichte centrum, dat volledig in carnavalssferen is gehuld, dribbel ik het laatste stuk rechtstreeks naar huis. Met 9,3 kilometer is ook dit een prima training geworden.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s