Zwaaien op een zandweg

Vanavond heb ik geen last van vervelende treinen, want ik ga de andere kant op. Mooi op tijd begin ik aan het klimmetje tegen het viaduct op, terwijl m’n loopmaatjes één voor één langskomen op de fiets of met de auto.
Er staat al een heel groepje te wachten in het zonnetje. De voormalige trainer van de loopgroep is er ook en hij zegt dat ik zaterdag een aardig eindje van huis was. Hij was dus degene in de zwarte auto, dat is ook opgelost.
Met een rustig gangetje lopen we in. Op een zandweg doen we losmakende oefeningen. Een verlaat loopmaatje voegt zich bij de groep en over bospaadjes gaan we verder naar een andere zandweg, waar we de loopscholing doen.
De trainer heeft de training duidelijk voorbereid, want hij wijst een paar strepen in het zand aan als we naar een kruising lopen. “Dit is 300 meter… en deze streep is 200 meter.” Daarna komt de uitleg. Komende zondag wordt in Enschede de marathon gelopen. Degenen die aan één van de afstanden mee gaan doen, gaan nu beginnen met 200 meter op 5 kilometertempo. Dan doordribbelen naar de volgende streep, 100 meter verder en op tempo de 300 meter terug naar de kruising, voor een pauze van de helft van de looptijd. De mensen die geen wedstrijdje op de planning hebben staan, moeten hetzelfde doen, maar dan 100 meter verder. Zij beginnen dus met 300 meter en lopen 400 meter terug.
Met de hele groep starten we tegelijk. Omdat ik van plan ben de 10 kilometer te gaan doen, haak ik na 200 meter af en ik dribbel verder. Er gaan niet zo heel veel loopmaatjes in Enschede lopen, maar we zijn nu toch met 5 lopers. Na de dribbelpauze snellen we terug naar de kruising in een tijd van 1:18. De pauze moet dus ongeveer 40 seconden zijn.
Ik zit niet helemaal op te letten en de tijd gaat sneller dan gedacht. Daar heb ik wel vaker last van. De pauze is bijna een minuut geworden. Met twee loopmaatjes ga ik weer op weg. Ik moet moeite doen om ze bij te houden, maar het lukt nog wel. Honderd meter dribbelen en we stuiven alweer terug. Pff, het gaat wel harder dan mijn 5 kilometertempo.
Zo gaan we nog eens heen en weer. De trainer blijft op de kruising staan en let op onze loophouding. Eén loopmaatje loopt als een gazelle, de ander loopt een beetje scheef en ik zwaai iets te vrolijk met mijn armen.
Nog maar eens heen en weer. Ik probeer ondertussen mijn zwaaibeweging wat beter te krijgen. Ondanks het tempo wordt er ook nog wel wat tegen elkaar gezegd tijdens het lopen. De dribbelpauze wordt deels wandelpauze. De 200 meter gaat op een paar uitzonderingen na elke keer vrij strak in 50 seconden. De terugweg varieert iets meer, van 1:14 tot 1:19.
Ik ben de tel inmiddels kwijt als de trainer aangeeft dat we mogen stoppen als we 5 keer heen en weer geweest zijn. Ik ben er vrij zeker van dat we dat al wel hebben gedaan, maar we voelen er alle drie niet zoveel voor om dan maar te wachten tot de anderen terug zijn, dus we gaan gewoon nog een keertje. In 49 seconden heen en in 1:12 weer terug, waarbij de twee heren voor me uit lopen.
Ik heb in elk geval flink mijn best gedaan vanavond en dat voelt goed. Op ons gemak gaan we met z’n allen terug naar de startplek. Het begint nu lichtjes te schemeren. Met een groepje van 5 lopers gaan we over het viaduct terug naar Borne, waar ik als eerste afzwaai. Het is 11,6 kilometer geworden.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s