Stemmen in het donker

Bomen zijn verdwenen, de straat is geasfalteerd en de nieuwe LED-verlichting is duidelijk effectiever dan de standaard oranje straatverlichting verderop. Je ziet tenminste goed waar je loopt. Het is alweer woensdag en in plaats van opnieuw naar de andere kant van het dorp te lopen, blijf ik nu maar eens in de buurt. Misschien lukt het me zelfs om aan deze kant van het spoor te blijven.
Het kronkelstraatje met dure huizen, waar we op maandag ook weleens trainen, is mijn eerste uitstapje. Twee grijsbruine konijnen zitten onverstoorbaar op een gazon aan de sprietjes te knabbelen in het licht van een buitenlamp. Het tijdstip zorgt voor rust op straat. Ik kom alleen twee keer dezelfde vrouw met haar hond tegen.
Na de eerste kilometer versnel ik. Dat wil ik een kilometer of 5-6 vol gaan houden. Als ik het straatje weer uit ben, ga ik over het trottoir verder. Zo af en toe een stukje over straat, asfalt loopt nou eenmaal beter dan stoeptegels. Deze kilometer gaat in 5:07 en ik maak met mezelf de afspraak dat ik maar 5 seconden mag afwijken, ik moet dus tussen 5:02 en 5:12 blijven.
Een straat met klinkers biedt aan het einde doorgang aan fietsers en voetgangers en zo kronkel ik verder door de volgende wijk. Een zwart konijntje dribbelt over straat en verdwijnt in de schaduw. Ik zie hier wel vaker zwarte konijntjes, net als op een specifieke andere plek in het dorp.
Ik steek over naar een ander straatje met nieuwere luxe huizen. In het licht van de straatlantaarns zie ik een kleine gedaante op het wegdek zitten. Vast weer een konijn. Ik tuur er zo naar, dat ik bijna het grijze konijn in de berm over het hoofd zie. Het zit me op zo’n 2 meter afstand met grote ogen aan te kijken. De gedaante verderop blijkt een kat te zijn, die het hazenpad kiest als ik dichterbij kom.
Piep: 5:02, nog precies binnen mijn marge. Op een donker stukje fietspad ben ik blij met het lichtje dat voor m’n voeten danst. Opnieuw loop ik over de stoep, want de auto’s rijden hier best hard. Een bord dat de snelheid laat zien bevestigt dat, want er knippert “59” en bij de volgende auto is dat “63”. Als ik nader, staat er “13, dank u!” op het bord. Ik moet er wel even om grinniken.
De rode lichten van de overweg beginnen te knipperen en ik sla af naar de straat ervoor. Ik blijf mooi op tempo met 5:03. Het lopen gaat nu lekker en soepel. Ook hier trainen we weleens op maandagavond en als ik er nog een kilometer of 8 van wil maken, moet ik wat meer zigzaggen. Zodoende neem ik een zijstraatje, waarbij ik langs een basisschool in het volgende straatje terechtkom. Er staan eigenlijk best veel basisscholen in het dorp.
Ik moet een beetje vooruitdenken waar ik langs kan, zonder stukken dubbel te lopen. Ik steek een straat over en weet dat hier wat huizenblokken staan waar ik omheen kan zigzaggen. Als mijn horloge meldt dat ik nu een kilometer in 5:04 heb gelopen, vraag ik me af of ik de volgende in 5:05 zal gaan lopen.
Tegen het einde zie ik dat ik twee straatjes heb overgeslagen. Dat had een extra lusje kunnen zijn, een gemiste kans dus.
Zo langzamerhand begin ik wel een beetje moe te worden, maar ik ga gewoon door. Als ik zie dat deze kilometer in 4:54 ging, begrijp ik mijn gevoel. Ik besluit er nog een tempokilometer bij aan te plakken. Ik twijfel even of ik helemaal niet via dezelfde weg terug wil, maar het levert me wel wat extra meters op en die kan ik goed gebruiken. Vooruit, als ik een klein stukje aan de andere kant van de straat loop, is het niet dezelfde weg, toch?
Ik draaf vervolgens over een fietspad links langs de rijbaan. Vanuit mijn ooghoek zie ik een fietser zonder licht aankomen. “Je hebt de vaart erin!” roept hij me toe als hij me met lage snelheid inhaalt. “Ja, dat dacht ik!” is mijn antwoord. De snelheid is prima vol te houden en het gaat nog steeds erg lekker.
Ik steek weer door de wijk heen naar de andere kant, waarna ik richting de spoorlijn loop. Een straat in en dan geeft mijn horloge aan dat de laatste tempokilometer in precies 5 minuten voorbij is. Wel jammer eigenlijk, ik had er best nog een stukje bij willen doen. Op een wat rustiger tempo sla ik een zijstraat in. Ook hier kan ik nog wel wat extra meters pakken. Een donker doorsteekje haalt het tempo, dat niet zo goed wil zakken, er wel uit. Op een paar honderd meter voor m’n huis hoor ik een stem zeggen: “Je bent er bijna!” Het is een loopmaatje dat bij mij om de hoek woont.
Toch kan ik het niet laten om er nog een stukje bij aan te lopen, gewoon omdat het zo lekker gaat. Uiteindelijk sta ik na 44 minuten weer bij de deur, met 8,4 kilometer op de teller. Dit ga ik vaker zo doen!

mooie wirwar

Advertenties

2 reacties op “Stemmen in het donker

  1. Tiny Raijmakers schreef:

    Stevig doorgelopen voor een training!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s